Plaagplanten

Op deze pagina leest u informatie over 'plaagplanten'. Met plaagplanten bedoelen we planten die woekeren en een gevaar kunnen vormen voor de leefomgeving of volksgezondheid. Vaak zijn het soorten die oorspronkelijk niet in Nederland voorkomen. In de praktijk hebben we in Steenwijkerland te maken met de Reuzenberenklauw, de Japanse Duizendknoop en de hooikoortsplant Ambrosia. In sommige gevallen kan Jakobskruiskruid (wel inheems) gevaarlijk zijn voor dieren. Als het gedroogd in hooi terecht komt, kunnen dieren het niet herkennen en kan het schade aan de lever veroorzaken.

  • Reuzenberenklauw

    De Reuzenberenklauw is een tot 3 meter hoge plant met handvormige bladeren. In de zomer verschijnen grote bloeischermen, waarna vele zaden gevormd worden.

  • Japanse Duizendknoop

    De Japanse duizendknoop is een diepwortelende vaste plant met lange holle stengels van 0,5-3 m lang met zijtakken en 5-12 cm grote bladeren eraan. De plant vormt stevige wortelstokken. In de winter sterft de plant bovengronds af. In maart en april schieten de stengels relatief snel op uit de grond.

  • Hooikoortsplant Ambrosia

    Ambrosia wordt ook wel de ‘hooikoortsplant’ genoemd omdat de plant hooikoortsklachten veroorzaakt. Ambrosia is een plant die van oorsprong uit Noord Amerika komt. De laatste jaren komt deze plant steeds vaker voor in Nederland.

  • Jakobskruiskruid

    Jakobskruiskruid is een geel bloeiende plant die veelal voorkomt in grasvelden. De plant lijkt op andere planten die niet schadelijk zijn voor mens of dier. Zelf is de plant belangrijk voor veel insecten; die halen er veel nectar uit. De plant verspreidt zich door zaad, dat door de wind wordt meegevoerd. Zaden kiemen alleen op open plekken. In een dichte grasmat kunnen zaden niet kiemen.